week 1: uitzicht

Terwijl ik dit schrijf zit ik aan het bureau in ons appartement op de tweede verdieping in hartje Turijn. Ik kijk uit over een kleuterschool en een stel gigantische bomen. Uitzicht hebben, dat is lang geleden.
En dan heb ik het eigenlijk niet alleen over letterlijk het hebben van een uitzicht (over de uitzichten hier ga ik nog menig blog wijden hoor, don’t worry), maar het hele feit dat alles in de toekomst nu zo heerlijk open ligt. Dat voelt ook als het hebben van uitzicht.

Met zo min mogelijk zijn we op pad gegaan. Het moment dat we onze laatste spullen bij een oud vrouwtje in de fietstas in de verte zagen verdwijnen en we met ons koekblikkie (aka Suzie Swift aka Su-Z aka Su aka de hete luchtoven*) de grens bij Duitsland over sjeesden was Nederland, en daarmee ook alle dingen waar ik de weken ervoor nog slapeloze nachten door had, even helemaal weg. Gewoon weg. Ruimte om vooruit te kijken, ruimte voor nieuwe dingen.

In een soort minimalistische bubbel zijn we onze reis begonnen naar het land achter de bergen, het land van gigantische aubergines en nog grotere ego’s.
En twaalf uur later eindigden we, hier, in het prachtige Verrua Savoia, waar Davide is opgegroeid bovenop de mooiste heuvel. Het klinkt idyllisch, en dat is het ook.
De abrikoos hangt vol sappige, zoete vruchten. De olijfboom is twee keer groter dan de laatste keer dat ik ‘m zag. Zelfs de lucht ruikt zoetig.
En ’s ochtends begin je de dag met een espresso op de veranda, in alle rust een beetje mijmeren en uitkijken over de Po-vlakte met daarachter de machtige Alpen.
Het is hier heerlijk. Ik wil alleen maar buiten zijn.
Na dit weekend gaan we deze zoete, frisse lucht inruilen voor the smoggy citylife. Maar ik stel me zo voor dat Italiaanse smog wel een hint heeft van rozemarijn en tijm, dus dan is het goed.

***

Over die minimalistische bubbel gesproken hè. Ons appartement in Turijn is nu officieel bewoonbaar verklaard. Bij aankomst -en dus nog steeds met ons hoofd in die serene wolk- moest er even geslikt worden. Het appartement was (een beetje oubollig) gemeubileerd, dat wisten we, maar dat daar ook een bijna ziekelijke verzameling aan prullaria bijzat hadden we niet verwacht. Letterlijk in iedere kastje, potje, iedere hoek en iedere gleuf lag, stond of hing wel iets. Het was bijna indrukwekkend, hier was een echte hoarder aan het werk geweest. Knoopjes , kanten lintjes, supermarktzegels uit ’91, stukjes ijzerdraad en halve rollen wc-papier in ziplock tasjes, oude kaarten en brieven (echt veel) en van die kitscherige landschapsschilderijtjes. We hebben alles, tot aan de pakjes tissues, zorgvuldig in dozen gedaan en nog veel zorgvuldiger in de nu tot opslag-kamer omgedoopte ruimte neergezet. Dat is voor latere zorg, en gelukkig niet de onze.
Nu zitten we tevreden op de bank, te kijken naar de bruine buffetkast, die nu ineens in plaats van oubollig best retro is.
Ik zie er naar uit om te beginnen met het aanleggen van een moestuintje op het balkon.

***

Davide is na het weekend meteen aan z’n stage begonnen. Een echte kantoorbaan, van negen tot zes bezig met een jong team marketing-gerelateerde dingen te doen. Hij is enthousiast, maar wat wil je ook, met een oude villa als kantoor midden in de heuvels. Lucky bastard.
Voor mij is alles nu doordrenkt met het ultieme vakantiegevoel. Ik hoef precies helemaal niks, ik ga op m’n dooie gemak op pad, leef volledig met de dag, ontdek de stad, eet ijs en kijk wel waar m’n voeten me brengen. Het bevalt me prima.
Toch is het contrast een beetje vreemd, Davide zo druk aan het werk, ik zo druk met helemaal niks moeten. Ik aan het eind van de dag helemaal hyper, Davide afgepeigerd op de bank. Ik zou me bijna schuldig voelen. Bijna hoor. Niet helemaal. Helemaal niet.
Straks ga ik wel weer denken aan werken. Voor nu eerst alleen maar wandelen, cultuur snuiven, heel veel lezen en heel veel schrijven.

***

Deze eerste week hebben we al een aantal goeie fietstochten achter gemaakt. Met Davide en z’n pa door de heuvels fietsen is een ervaring opzich. Ze kennen de mooiste routes. En als je op het juiste moment gaat, valt het zonlicht prachtig over het glooiende landschap. Het zijn echte die-hards, en je merkt meteen dat ze de heuvels in hun bloed hebben. Het gemak waarmee Davide zich de stijle hellingen opwerkt en de snelheid waarmee hij er ook weer afzoeft is voor mij bijna onmenselijk. Ik ben erg blij met een functionerende rem, ik maak er gretig gebruik van.
Gister zijn we vanaf Verrua naar de Superga gefietst. Een hoge heuvel naast Turijn, met daar bovenop een grote, oude kerk en uitzicht over de hele stad. Een hoge heuvel is het zeker, als ik niet beter wist zou ik het een berg noemen. Het was een helse klim. Maar ik zeg altijd maar zo: een bevalling is erger, en dan voelt de verzuring in je dijen ineens prettig. Het is maar net vanuit welk perspectief je het bekijkt.

Het gekke is, ondanks dat Davide nu een nine to five job heeft, hebben we ontzettend veel tijd om toch dingen samen te ondernemen. Dat had ik niet verwacht. Maar het bevalt me wel. Zo zie je elkaar nog ‘es.
We worden door zijn familie ook fijn op sleeptouw genomen. De Zattarin’s zijn erg ondernemend binnen de community waar ze wonen, er wordt van alles georganiseerd. De picknick bij Villa Martini met een live pianoconcert viel goed in de smaak, en de finale van het EK was helemaal een gebeurtenis. Over passie gesproken. Het Italiaanse leven ten top. Ik zou alleen over die avond een half boek kunnen schrijven.

Wie weet doe ik dat ook wel. Ik heb alle tijd. Nu ga ik me verplaatsen naar ons tweede balkon (ja, wat een luxe!) waar onze achterbuurman aan zijn balkonnetje een gigantische hoeveelheid marihuana aan het groeien is. Hij ruikt er af en toe aan. Dat is ook een vermakelijk uitzicht.

PS:
Over planten gesproken. M’n basilicum is in een week al bijna anderhalve centimeter gegroeid. Ik kan de pesto bijna proeven!

*ik wil helemaal niet een persoon zijn dat naar haar auto refereert alsof het een mens is, maar toch doe ik het

1 reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *